Het was een zonnige lentedag toen Timo, Walt en Mathis door de magische struik het Fluisterende Bos in stapten. Ze vonden de Hosjifosj die druk bezig was met het aanleggen van een moestuin.

"Wat ben je aan het doen?" vroeg Timo nieuwsgierig.

"Ah, kleine vrienden!" zei de Hosjifosj opgewekt. "Ik probeer een magische moestuin te maken. Weten jullie, ik heb jullie Bompa zo vaak in zijn tuin zien werken, en het leek me heerlijk om ook verse groenten te hebben voor alle bosdieren. Maar het lukt niet zo goed..."

De kinderen keken naar de kleine lapjes grond die de Hosjifosj had omgespit. Er staken een paar verschrompelde plantjes uit de aarde. Een eenzaam wortelplantje hing treurig opzij en een tomatenplant had nog geen enkel vruchtje.

"Misschien kunnen we helpen?" stelde Walt voor. "We hebben vaak genoeg met Bompa in zijn tuin gewerkt!"

De Hosjifosj's ogen lichtten op. "Dat zou geweldig zijn! Maar we hebben wel wat speciale zaadjes nodig... En ook goede aarde. Die van het bos is een beetje... tja... te magisch voor gewone groenten."

"Die kunnen we aan Bompa vragen!" riep Mathis enthousiast. "Hij heeft altijd extra zaadjes en zijn tuinaarde is de beste!"

Terug in hun eigen tuin vonden ze Bompa tussen zijn groenten. Hij was net bezig met het water geven van zijn wortels. De zon scheen op zijn oude strohoed terwijl hij zachtjes neuriede.

"Bompa," vroeg Timo, "mogen we wat zaadjes van je groenten? En misschien ook wat van je speciale tuinaarde? We willen zelf ook een tuintje maken."

Bompa keek op en glimlachte vriendelijk. "Natuurlijk! Jullie hebben geluk, ik heb net zaadjes verzameld van mijn beste planten. En ik heb nog een zak van mijn speciale grondmengsel in de schuur staan."

Hij nam de kinderen mee naar zijn schuurtje, waar tussen alle tuingereedschap een grote papieren zak met aarde stond. "Deze is perfect voor beginners," zei hij, terwijl hij wat van de aarde in een kleiner zakje schepte.

Daarna pakte hij een houten kistje van een plank. "En hier zijn de zaadjes. Ik heb wortels, tomaten, sla, radijsjes, komkommers... Neem er maar flink wat, dan kunnen jullie experimenteren."

Met hun zakje aarde en het kistje vol zaden keerden ze terug naar het Fluisterende Bos. De Hosjifosj was dolblij toen hij ze zag.

"Perfect!" riep hij uit. "Nu kunnen we een echte moestuin maken. En misschien... kunnen we er een heel klein beetje bosmagie aan toevoegen?"

Ze gingen meteen aan de slag. Eerst maakten ze de grond klaar door Bompa's tuinaarde te mengen met een beetje bosgrond. De Hosjifosj zorgde ervoor dat het niet teveel was - "Anders krijgen we springende aardappels of dansende wortels!"

Toen begonnen ze met planten. Ze maakten netjes rijtjes en plaatsten overal bordjes zodat ze wisten wat waar stond. De Hosjifosj sprenkelde heel voorzichtig wat bosmagie over elk zaadje voor het de grond in ging.

Tot hun verbazing begonnen de plantjes vrijwel meteen te groeien! De wortels staken hun kopjes boven de grond uit en begonnen zachtjes te neuriën. De tomatenplanten kregen kleine bloempjes die in het donker een beetje gloeiden. En was dat nou gegiechel dat ze hoorden uit de richting van de komkommers?

"Het werkt!" juichte Walt.

Maar toen gebeurde er iets vreemds. De planten begonnen zó snel te groeien dat ze elkaar in de weg zaten. De wortels probeerden elkaar omhoog te duwen, de tomatenplanten werden zo groot als bomen, en de komkommers kronkelden als slangen door de lucht.

"Oh nee," zei de Hosjifosj bezorgd. "We hebben ze teveel bosmagie gegeven! Ze worden wild!"

Een tomatenplant probeerde Walt te omhelzen met zijn ranken. Een wortel trok aan Mathis' schoenveters. En een bijzonder ondeugende komkommer probeerde Timo te kietelen.

"Wat nu?" vroeg Mathis, terwijl hij probeerde los te komen.

Timo dacht even na, worstelend met de komkommer. "Wacht eens... wat zou Bompa doen?"

"Bompa praat altijd met zijn planten," zei Walt, die zich eindelijk had bevrijd van de tomatenranken.

Ze besloten het te proberen. Ze gingen bij elke plant zitten en begonnen zachtjes te praten. Ze vertelden verhalen over Bompa's tuin, zongen de liedjes die Bompa altijd neuriet tijdens het werken, en complimenteerden de planten met hun groei.

Langzaam maar zeker werden de planten rustiger. De wortels stopten met duwen en trekken, de tomatenplanten krompen terug tot een normale grootte, en de komkommers gingen netjes langs hun stokken groeien.

"Kijk eens aan," zei de Hosjifosj tevreden. "Ze hebben alleen wat liefde en aandacht nodig, net als alle levende dingen!"

De rest van de middag werkten ze verder aan hun magische moestuin. Ze maakten mooie paadjes van glimmende kiezels tussen de groenten. Ze bouwden een vogeldrinkbak van grote bladeren. En ze maakten een vogelverschrikker die, in plaats van vogels weg te jagen, gezellig met ze kletste en ze vertelde welke plantjes ze wel en niet mochten eten.

De dieren van het bos kwamen nieuwsgierig kijken. Een familie konijnen bood aan om onkruid weg te knabbelen. Een groep eekhoorns wilde helpen met water geven. Zelfs de Grote Steen rolde voorzichtig dichterbij om een oogje in het zeil te houden.

Tegen het einde van de middag hadden ze een prachtige moestuin. De groenten groeiden vrolijk maar beheerst, met net genoeg bosmagie om ze bijzonder te maken zonder dat ze wild werden. De wortels neurieden zachtjes, de tomaten gloeiden gezellig in de schemering, en de komkommers maakten af en toe een grapje.

"Dit is de mooiste moestuin die ik ooit heb gezien," zei de Hosjifosj trots. "En het beste is: hij is van ons allemaal!"

Toen het tijd was om naar huis te gaan, bedankte de Hosjifosj hen hartelijk. "Komen jullie morgen weer helpen?" vroeg hij hoopvol. "De radijsjes beginnen net te dansen... eh, ik bedoel, te groeien!"

"Natuurlijk!" riepen de kinderen in koor. Ze konden niet wachten om te zien hoe hun magische moestuin zich verder zou ontwikkelen.

Thuis vroeg Bomma hoe hun dag was geweest.

"We hebben een tuintje gemaakt," zei Mathis trots.

"Wat fijn," glimlachte Bomma. "Net als Bompa!"

De kinderen knikten en glimlachten naar elkaar. Hun magische moestuin zou hun geheimpje blijven, veilig verborgen in het Fluisterende Bos, waar de groenten zachtjes zongen in het maanlicht en de vogelverschrikker verhaaltjes vertelde aan wie maar wilde luisteren.

Die nacht droomden ze van dansende radijsjes, zingende wortels en giechelende komkommers. En ergens in het Fluisterende Bos zat de Hosjifosj tevreden tussen zijn magische groenten, luisterend naar de zachte melodie van zijn bijzondere tuin.