Het was een warme zomeravond. Timo, Walt en Mathis lagen in het zachte gras van hun tuin, starend naar de sterrenhemel boven hen.

"Kijk, daar is de Grote Beer!" wees Timo enthousiast.

"En daar is de Poolster!" voegde Walt toe.

Mathis glimlachte. "Het is zo mooi vanavond. Ik zou wel urenlang kunnen blijven kijken."

Maar toen gebeurde er iets vreemds. Een van de sterren begon te flikkeren en verdween toen plotseling.

"Hé, zagen jullie dat?" vroeg Mathis verbaasd.

Voor iemand kon antwoorden, verdween er nog een ster. En nog een. Binnen enkele minuten was de hele hemel donker geworden.

"Wat gebeurt er?" riep Walt geschrokken uit.

"We moeten de hosjifosj vragen wat er aan de hand is!" zei Timo vastberaden.

Zonder nog een moment te verliezen, sprongen de kinderen op en renden naar de magische struik. Ze doken erdoorheen en kwamen uit in het Fluisterende Bos.

Het was donkerder dan ze ooit hadden gezien. Zelfs de gebruikelijke magische gloed van het bos leek gedoofd.

"Hosjifosj!" riepen ze in koor. "Waar ben je? Er is iets mis met de sterren!"

Ze hoorden geritsel in de struiken en even later verscheen de hosjifosj. Zijn gezicht stond bezorgd.

"Kleine vrienden," zei hij, "ik ben zo blij dat jullie er zijn. We hebben inderdaad een groot probleem. De sterren zijn verdwenen!"

"Maar hoe kan dat?" vroeg Mathis. "We zagen ze net een voor een verdwijnen."

De hosjifosj schudde zijn hoofd. "Dat weten we niet zeker, maar het is ernstig. Zonder de sterren verliest het Fluisterende Bos zijn magie. We moeten snel uitzoeken wat er aan de hand is."

"Wat kunnen we doen?" vroeg Timo vastberaden.

De hosjifosj dacht even na. "We moeten de Wijze Uil raadplegen. Hij weet alles over de sterren en de nachtelijke hemel. Kom, ik breng jullie naar zijn boomhut-observatorium."

Ze vonden de Wijze Uil in zijn boomhut-observatorium. Hij keek door een grote telescoop gemaakt van boomschors en kristallen.

"Hmm," mompelde de uil. "Het lijkt alsof de sterren worden opgezogen door iets... of iemand."

"Opgezogen?" riep Timo verbaasd uit.

De uil knikte ernstig. "Kijk zelf maar."

Toen de kinderen door de telescoop keken, zagen ze het: een grote, donkere wolk die langzaam over de hemel bewoog. Telkens als hij een ster passeerde, verdween deze in de wolk.

"Wat is dat?" fluisterde Walt angstig.

"Dat," zei de Wijze Uil plechtig, "is de Sterrenslikker. Een mythisch wezen dat zich voedt met het licht van de sterren."

"Hoe stoppen we het?" vroeg Mathis.

De Wijze Uil schudde zijn hoofd. "Dat weet ik niet. Niemand heeft ooit een Sterrenslikker gestopt."

Maar Timo kreeg een idee. "Als hij van licht houdt, kunnen we hem dan niet afleiden met een ander soort licht?"

De hosjifosj sprong op. "Dat is het! We kunnen de Lichtgevende Bloemenvallei gebruiken!"

Ze haastten zich naar de Lichtgevende Bloemenvallei. Duizenden bloemen gloeiden daar in alle kleuren van de regenboog.

"We moeten de bloemen overtuigen om extra fel te schijnen," legde de hosjifosj uit.

De kinderen gingen van bloem naar bloem, hun verhaal delend en om hulp vragend. Langzaam maar zeker begon de vallei feller en feller te gloeien.

Toen de vallei zo helder scheen als een miniatuur-melkwegstelsel, zagen ze de donkere wolk naderen.

"Het werkt!" riep Walt. "De Sterrenslikker komt deze kant op!"

Ze hielden hun adem in terwijl de enorme wolk boven de vallei hing. Zou hun plan lukken?

Plotseling begon de wolk te krimpen. Het leek alsof hij al het licht van de bloemen opzoog. Maar in plaats van donkerder te worden, begon de wolk te gloeien!

"Kijk!" riep Mathis. "Hij verandert!"

De wolk draaide en kolkte, en toen... 'plop!' In plaats van een donkere wolk zweefde er nu een gigantische, gloeiende zeepbel in de lucht.

Uit de zeepbel stroomden alle opgegeten sterren terug de hemel in. Het was een prachtig schouwspel van duizenden lichtpuntjes die door de lucht dansten.

"We hebben het gefikst!" juichte Timo.

De hosjifosj lachte. "Jullie hebben de Sterrenslikker niet verslagen, maar veranderd. Nu is hij een Sterrenbewaarder!"

In de dagen die volgden, zweefde de Sterrenbewaarder vrolijk door de nachtelijke hemel. Hij ving nu vallende sterren op en hielp nieuwe sterren geboren worden.

Het Fluisterende Bos gloeide weer van magie, en de nachten waren helderder dan ooit tevoren.

Toen de kinderen die nacht in bed lagen, keken ze uit het raam naar de prachtige sterrenhemel.

"Weet je," zei Walt slaperig, "soms hoef je een probleem niet op te lossen. Soms moet je het gewoon... veranderen."

Timo en Mathis knikten instemmend. Ze vielen in slaap met een glimlach op hun gezicht, dromend van dansende sterren en vriendelijke, gloeiende zeepbellen.